Israel en het gevoel nooit echt welkom te zijn

Naar Israel reizen is anders dan naar willekeurig elke andere bestemming reizen. Dat begint altijd al wanneer je het vliegtuig wilt betreden dat je op de luchthaven Ben Gurion in Tel Aviv zal gaan afleveren. Nergens zijn de veiligheidsmaatregelen zo streng (de Verenigde Staten komen wel in de buurt maar daar kijkt men altijd net iets vriendelijker). Daarbij maakt het dus niets uit vanuit welk land je vertrekt. Voor mij was deze keer nieuw dat ik mijn spiegelreflex camera geheel uit elkaar moest halen en moest laten zien dat hij ook echt aan- en uitgezet kon worden. Ook de fotocamera is dus tegenwoordig een object waarmee je kwaad kunt doen. Bizar maar ik heb anderzijds ook geen reden om te twijfelen aan het feit dat je zo'n apparaat ingenieus kunt ombouwen tot iets waarmee je dood en verderf kunt zaaien. En daarmee zijn we op het punt aangeland waarom het feitelijk allemaal draait: Israel is een land dat zichzelf permanent in een staat van (dreigende) oorlog waant. En de geschiedenis van dit land leert ons dat die waan helaas niet geheel misplaatst is. De staat Israel gaat er dus sowieso vanuit dat er altijd en iedere dag mensen zijn die naar Israel zouden kunnen afreizen om het land schade te berokkenen. Dan is het dus lastig om iedereen met open armen en als welkome gast te ontvangen. Uit mijn eigen ervaring kan ik zeggen dat eenmaal aangekomen op Ben Gurion ook werkelijk helemaal niemand enige moeite doet om je het gevoel te geven dat je welkom bent. Altijd loop je de kans dat je op diverse plekken op weg naar de uitgang wordt staande gehouden door iemand die wil weten wat je komt doen, waar je heen gaat en overnacht, wie je gaat ontmoeten, hoe lang je blijft en wanneer je weer teruggaat en of je alvast even je retourticket wilt laten zien. Stel je voor dat we iedereen die bij ons thuis langs komt als eerste zouden vragen wanneer hij/zij weer vertrekt (er is uiteraard bezoek waar je dat wel zou willen vragen maar dat doen we dan uit beleefdheid toch maar niet). Deze keer stelt alleen de douane-beambte mij alle vragen en ik heb geleerd vooral te blijven glimlachen, keurig antwoord te geven maar vooral ook niet teveel te zeggen. Dat ik naar de Palestijnse gebieden ga voor enkele dagen laat ik dus achterwege. Dat horen de Israeli nu juist liever niet. Liegen doe ik in principe niet (al is de leugen nog zo snel, de waarheid achterhaalt haar (of is het hem?)wel) maar ik hou het graag erg kort. Voor de goede orde: in Israel hoor je vrijwel niemand praten over Palestijnen. Voor de doorsnee Israeli zijn dat 'de Arabieren'. Dat dit containerbegrip nogal wat meer mensen (enkele tientallen mijoenen) omvat lijkt er verder niet toe te doen. De idee zal wel zijn dat dat wat je nooit uitspreekt ook niet bestaat. Uiteindelijk mag ik het land weer in, door deze manier van controleren voelt dat iedere keer weer als een voorrecht!, en zit ik een klein uurtje na mijn aankomst in een shuttle bus naar Jeruzalem. Buiten is het vooral erg warm en wuiven de palmbomen in de hete woestijnwind. Voordat ik in Jeruzalem ben is het gevoel dat men mij liever kwijt dan rijk is verdwenen.

In mijn hotel in de wijk German colony ben ik van harte welkom. Ik heb in Jeruzalem nog nooit ergens anders verbleven dus het voelt er als thuis. Dat er in het pand ook een bioscoop is gevestigd is een klein minpuntje (vooral wanneer er een actiefilm wordt gedraaid is dat uiterst onaangenaam) maar de ligging van deze buurt t.o.v. de oude stad is ideaal. De naam van de wijk herinnert aan de periode in de negentiende eeuw dat Jeruzalem werd geregeerd door Mohammed Ali (1769-1848). Mohammed was een relatief zeer verlichte geest die tal van hervormingen en moderniseringen doorvoerde. Hij gaf tal van Europese overheden en Kerken de gelegenheid zich in Jeruzalem te vestigen. In de vijf eeuwen daarvoor was er onder het Osmaans islamitisch bewind nooit enige ruimte voor hen geweest dus de kans werd door velen met beide handen aangegrepen. Kerken en vreemde mogendheden kochten in rap tempo grond in Jeruzalem. Daar werden kerkgebouwen, ziekenhuizen, consulaten en herbergen voor pelgrims gebouwd. De namen van vele Jeruzalemse buurten herinneren aan verschillende nationale en religieuze groeperingen die een vinger(tje) in de Jeruzalemse pap wilden. De Duitse wijk (1873), gesticht op het grondgebied van het voormalige Arabische dorp Tsefafa door Duitse tempeliers, is daar een voorbeeld van. Opmerkelijk detail: deze Duitse tempeliers werden in de Tweede Wereldoorlog vanwege hun nazisympathieen door de Britten naar Australie verbannen. Nu is het vooral een wijk met veel groen, restaurants en enkele kleinere hotels en dus gelegen op wandelafstand van de oude stad.

Tot slot een leestip! P.F. Thomese, Grillroom Jeruzalem. Ook zeer geschikt voor onze leerlingen (grote letters, niet te dik en duur en meer dan voldoende humor!). MIsschien is het ook wel mogelijk dit boekje te lezen voor het vak Nederlands (jullie mogen de onderhandelingen met de docenten zelf voeren) want Thomese behoort in ons land tot de groep schrijvers die 'literatuur' maken. Dit is een reisverslag maar ook de betere reisverslagen (denk aan Cees Nooteboom) zijn natuurlijk wel degelijk literatuur. En dan nu naar de oude stad.

Reacties

Reacties

Brigitte Duynstee

Beste Marco, over de criteria waaraan literatuur voor leerlingen dient te voldoen moeten we het nog maar eens hebben. Thomese mag zeker gelezen worden, maar niet omdat zijn werk grote letters heeft, niet dik is en niet duur.
Ik ga het zeker lezen, dank voor de tip !

Kristel

Dan voelt het arriveren in de Westbank toch altijd een beetje als een warm bad, met zoveel gastvrijheid en vriendelijkheid...

Marco

Dank mevrouw Duynstee! Dat zullen onze leerlingen zeker waarderen. Omdat ik dagelijks (al jaren) thuis aan tafel zit met kinderen die ons onderwijs volgen weet ik dat vooral niet al te dikke boeken door hen eerder gelezen worden dan ... . En om heel eerlijk te zijn: op die leeftijd deed ik dat ook liever. En wat mijzelf betreft: het is later toch nog goed gekomen met dat lezen. Er is dus altijd hoop!

Michelle Dekker

Hoi Marco,

wat ontzettend leuk om dit blog te lezen; doet me ook weer terugdenken aan de ongelofelijk interessante én vermakelijke geschiedenislessen op Lek en Linge ;)

Goede reis!
Michelle

Johan

Ik ben nu in Israel en moet zeggen dat Marco s verhaal ietwat overtrokken is. Op Schiphol was de wachttijd langer dan met een andere vlucht naar Tel Aviv. Maar ja..... dat weet je als met El Al vliegt. Bij aankomst had ik niet het gevoel dat ik niet welkom ben. Mijn advies: Ga naar Israel met een open instelling zonder bevooroordeling. Je mag kritisch zijn maar wees niet naief.

{{ reactie.poster_name }}

Reageer

Laat een reactie achter!

De volgende fout is opgetreden
  • {{ error }}
{{ reactieForm.errorMessage }}
Je reactie is opgeslagen!